Dit kunstwerk is niet digitaal beschikbaar

De wanhopige boer

anoniem, ca. 1600 - ca. 1650

Een oudere man, duidelijk in wanhoop, met zijn handen aan zijn hoofd. Hij draagt haveloze kleding en zijn gezicht toont diepe spijt en verdriet. De omgeving laat een kaal landschap zien en een boerderij op de achtergrond – symbolisch voor het feit dat deze man zijn hele bezit – zijn paard, wagen, zaad en land – heeft opgeofferd in een juridische strijd die hem niets heeft opgeleverd. Wat overblijft is armoede, eenzaamheid en spijt. In de ondermarge een achtregelig vers: “Eylaes acharm ter werrelt noyt poverder man/ See qualyck bedacht dat ick oyt te pleyten began/ Ros waghen sack en saet tisser ghebleven al/ tlandt versuymt te bouwen Daer ick den nootdruft hael van/ Ouds en traech geworden niemant my wat geven sal/ Te laet gedaecht gewaerschout altyts bleeff even mal/ Nu wenende thooft clouw om dat ick sy voorwaer/ Van een jong pleyter gheworden Oudt bedelaer."

  • Soort kunstwerkprent
  • ObjectnummerRP-P-2025-50
  • Afmetingenplaatrand: hoogte 235 mm x breedte 150 mm
  • Fysieke kenmerkengravure

Identificatie

  • Titel(s)

    • Eylaes acharm ter werrelt noyt poverder man […] (originele titel op object)
    • De wanhopige boer
  • Objecttype

  • Objectnummer

    RP-P-2025-50

  • Beschrijving

    Een oudere man, duidelijk in wanhoop, met zijn handen aan zijn hoofd. Hij draagt haveloze kleding en zijn gezicht toont diepe spijt en verdriet. De omgeving laat een kaal landschap zien en een boerderij op de achtergrond – symbolisch voor het feit dat deze man zijn hele bezit – zijn paard, wagen, zaad en land – heeft opgeofferd in een juridische strijd die hem niets heeft opgeleverd. Wat overblijft is armoede, eenzaamheid en spijt. In de ondermarge een achtregelig vers: “Eylaes acharm ter werrelt noyt poverder man/ See qualyck bedacht dat ick oyt te pleyten began/ Ros waghen sack en saet tisser ghebleven al/ tlandt versuymt te bouwen Daer ick den nootdruft hael van/ Ouds en traech geworden niemant my wat geven sal/ Te laet gedaecht gewaerschout altyts bleeff even mal/ Nu wenende thooft clouw om dat ick sy voorwaer/ Van een jong pleyter gheworden Oudt bedelaer."

  • Opschriften / Merken

    opschrift, recto: ‘“Eylaes acharm ter werrelt noyt poverder man/ See qualyck bedacht dat ick oyt te pleyten began/ Ros waghen sack en saet tisser ghebleven al/ tlandt versuymt te bouwen Daer ick den nootdruft hael van/ Ouds en traech geworden niemant my wat geven sal/ Te laet gedaecht gewaerschout altyts bleeff even mal/ Nu wenende thooft clouw om dat ick sy voorwaer/ Van een jong pleyter gheworden Oudt bedelaer."
    ’


Vervaardiging

  • Vervaardiging

    prentmaker: anoniem, Lage Landen

  • Datering

    ca. 1600 - ca. 1650

  • Zoek verder op


Materiaal en techniek

  • Fysieke kenmerken

    gravure

  • Afmetingen

    plaatrand: hoogte 235 mm x breedte 150 mm


Verwerving en rechten

  • Credit line

    Aankoop met steun van het F.G. Waller-Fonds

  • Verwerving

    aankoop 2025-08-07

  • Copyright


Duurzaam webadres