Tomb of Arnold van der Sluis of Heusden, Knight (c. 1245-1296)

anonymous, c. 1296 - c. 1325

De tombe heeft een dekplaat, waarop tussen twee fialen de overledene met open ogen en met de handen in biddende houding, liggend met het hoofd op een kussen onder een baldakijn is weergegeven. Hij draagt maliënkolder en wapenrok, van de rechterschouder hangt de bandelier, waaraan het schild, dat het zwaard vrijwel geheel bedekt. Om het middel draagt hij een brede riem, om het hoofd een band. Op het schild het geslachtswapen, tevens stadswapen van Heusden. In elk der beide lange zijden van de tombenegen ondiepe nissen met blinde venstertraceringen, waarin vierpassen; aan het hoofdeinde vier en aan het voeteneinde drie nissen met venstertraceringen. Het voeteneinde vertoont in de middelste nis een staande, in een lang gewaad geklede jonge persoon met een band (?) in het haar en met de handen in biddende houding; in elk van de flankerende nissen een wapenschild; waarvan de rechter een klimmende, gekroonde leeuw met gespleten staart vertoont. Op de schuine kanten van het deksel is nog het volgende opschrift te lezen: ...ctis iac(et) h(ic) tumulat(us) Husde(n)si nat(us) ex clara stirpe vocat(us) Arnold(us) mile(s) de slusa sp(er)ne(re) viles Act(us) h(ic) novit falso ... olita(m) Q(ua)rto redde(n)das a mense dec(em)bre kale(n)das. Ano milleno d(omi)ni noviesque noveno Et bis centeno terno quo(que) cu(m) duedeno Gaudeat in c ... quisq(ue) fidelis Hoc pater et flamen sacrum nat(us)q(ue) ... .

  • Artwork typetomb
  • Object numberBK-NM-8657
  • Dimensionstotal: height 90 cm x width 323 cm x depth 142 cm x weight 4561 kg (total), tomb: height 45 cm (excl. lid) x width 323 cm x depth 133 cm x thickness 20 cm (walls), lid: height 54 cm x width 289 cm (excl. the missing section at the foot end) x depth 142 cm x weight 1800 kg
  • Physical characteristicsNamur stone

Identification

  • Title(s)

    Tomb of Arnold van der Sluis of Heusden, Knight (c. 1245-1296)

  • Object type

  • Object number

    BK-NM-8657

  • Description

    De tombe heeft een dekplaat, waarop tussen twee fialen de overledene met open ogen en met de handen in biddende houding, liggend met het hoofd op een kussen onder een baldakijn is weergegeven. Hij draagt maliënkolder en wapenrok, van de rechterschouder hangt de bandelier, waaraan het schild, dat het zwaard vrijwel geheel bedekt. Om het middel draagt hij een brede riem, om het hoofd een band. Op het schild het geslachtswapen, tevens stadswapen van Heusden. In elk der beide lange zijden van de tombenegen ondiepe nissen met blinde venstertraceringen, waarin vierpassen; aan het hoofdeinde vier en aan het voeteneinde drie nissen met venstertraceringen. Het voeteneinde vertoont in de middelste nis een staande, in een lang gewaad geklede jonge persoon met een band (?) in het haar en met de handen in biddende houding; in elk van de flankerende nissen een wapenschild; waarvan de rechter een klimmende, gekroonde leeuw met gespleten staart vertoont. Op de schuine kanten van het deksel is nog het volgende opschrift te lezen: ...ctis iac(et) h(ic) tumulat(us) Husde(n)si nat(us) ex clara stirpe vocat(us) Arnold(us) mile(s) de slusa sp(er)ne(re) viles Act(us) h(ic) novit falso ... olita(m) Q(ua)rto redde(n)das a mense dec(em)bre kale(n)das. Ano milleno d(omi)ni noviesque noveno Et bis centeno terno quo(que) cu(m) duedeno Gaudeat in c ... quisq(ue) fidelis Hoc pater et flamen sacrum nat(us)q(ue) ... .

  • Inscriptions / marks

    • coat of arms, on the dexter escutcheon at the foot of the tomb, in reliëf: a crowned lion rampant with a forked tail [? Heinsberg family]
    • coat of arms, on the escutcheon held by the knight, in relief: a wheel with six spokes [Lords of Heusden]
    • inscription, on the bevelled edge of the lid: ‘[Qui fuerat gratus cun]ctis iac[et] h[ic] tumulat[us] Husde[n]si nat[us] ex clara stirpe vocat[us] Arnold[us] mile[s] de slusa sp[er]ne[re] viles Act[us] h[ic] novit falso[s] [a] seque removit Fortis formosus prudens erat atque animosus Justus pacifuc probitati semper amicus Finiit is vitam morum gravitate p]olita[m] Q[ua]rto redde[n]das a mense dec[em]bre kale[n]das. An[n]o milleno d[omi]ni noviesq[ue] noveno Et bis centeno terno quo[que] cu[m] duedeno Gaudeat in c[oelis ut hoc orat] quis[que] fidelis Hoc pater et flamen sacrum nat[us]q[ue] [det amen]’
    • coat of arms, on the sinister escutcheon at the foot of the tomb: left empty or the coat of arms was later chiselled off
  • Part of catalogue


Creation

  • Creation

    sculptor: anonymous, Meuse area

  • Dating

    c. 1296 - c. 1325

  • Search further with


Material and technique

  • Physical description

    Namur stone

  • Dimensions

    • total: height 90 cm x width 323 cm x depth 142 cm x weight 4561 kg (total)
    • tomb: height 45 cm (excl. lid) x width 323 cm x depth 133 cm x thickness 20 cm (walls)
    • lid: height 54 cm x width 289 cm (excl. the missing section at the foot end) x depth 142 cm x weight 1800 kg

This work is about

  • Place


Acquisition and rights

  • Credit line

    Gift of Jonkheer W.A.C. de Jonge

  • Acquisition

    gift 1886

  • Copyright

  • Provenance

    Commissioned by or for Arnold van der Sluis (c. 1245-1296), erected in the Norbertine Abbey of Berne, near Heusden, after his death in 1296;{J.-B. Gramaye, _Antiquitates Brabantiae. Taxandria_, Leuven/Brussels 1708, p. 7.} donated by Jonkheer W.A.C. de Jonge, owner of the Bernse Hoeven, to the museum, 1886; on loan to Museum Catharijneconvent, Utrecht, 1976-2004


Documentation

    • J. van Oudenhoven, Beschrijvinghe der wijtvermaerde frontierstadt Heusden, 1651, p. 22.
    • A.H. Stolte, 'De graftombe van ridder Arnold van der Sluis', Varia historica Brabantica 2 (1966), p. 317-322.
    • J.A. Coldeweij, 'Arnold van der Sluis, ridder, zijn afkomst en nageslacht (1245-1296)', De Nederlandsche Leeuw 84 (1967), kol. 361-378.
    • H. van Bavel, 'Een verkenningstocht naar het oude Berne', Varia historica Brabantica 1 (1962), p. 295 e.v.
    • H.A. Tummers, 'Het grafmonument van een heer Van Arkel en zijn vrouw te Gorinchem', Bulletin van de Stichting Oude Hollandse Kerken 17 (1983), p. 3.
    • J. van Oudenhoven, Beschrijvinghe van het Landt van Heusden, 1650, p. 30.
    • W. van Dam van Brakel, Lotgevallen van Heer Fulco en de Abdij van Bern, 1857.
    • Verslag van de Commissie van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (1870), p. 37.
    • A.H. Stolte, 'De graftombe van ridder Arnold van der Sluis', Bernensia (1968), p. 317-322 (herdruk van Stolte 1966).
    • G. van den Elsen, Bernensia, 1880, p. 210 (manuscript Archief Abdij Berne te Heeswijk).
    • J. Sinnige, Ridder Arnoud van der Sluse, Met Gansen Trouw, VIII (1958), p. 110.
    • Documentatiemap.
    • J.B. Gramaye, Taxandria in qua Antiquitates et decora Regionum ..., 1610, cap. 7, p. 25-26
    • Verslag van de Commissie van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (1868/69), p. 8.
    • J. Leeuwenberg, 'Graftombe van ridder Arnoud van der Sluis van Heusden (gest. 1296). Eerste kwart 14de eeuw', Bernensia 13 (1968), p. 1-5.
    • N.H. Koers, 'Dr D.P.R.A. Bouvy en zijn Catharijneconvent, 2', Catharijnebrief 27 (1989), p. 9.
    • Tekst en uitleg, Utrecht 1982 (cat. Rijksmuseum Het Catharijneconvent), p. 30.
    • H. van Bavel, 'Een verkenningstocht naar het oude Berne', Bernensia 5 (1962), p. 1-88 (herdruk van Van Bavel 1962).
    • C. van Alkemade en F. van der Schelling, Korte beschryving van de oude en magtige abdye van Bern met de Egte Bewysen en Gedenkstukken daar toe behoorende, Z.p. (1709-1736), fol. 79v, 84r
    • J.A. Coldeweij, 'Arnold van der Sluis, ridder, zijn afkomst en nageslacht (1245-1296)', Bernensia 13 (1968), p. 1-24 (herdruk van Coldeweij 1967).
    • H.J.J. Vermeulen, 'Twee wapens op de tombe van Arnold van der Sluis, ridder', Bernensia 13 (1968), p. 1-4.
    • 'De abdij van Bern', De Oude Tijd (1870), p. 36, 38-39.
    • J. Craandijk, Wandeling door Nederland, deel Zeeland, Noord-Brabant (1886), p. 291.
    • R. Koechlin, 'La sculpture belge et les influences françaises aux 13e et 14e siècles', Gazette des Beaux Arts 45 (1903), p. 346.
    • H.A. Tummers, 'Recente vondsten betreffende vroege grafsculptuur in Nederland : Dertiende en veertiende eeuw', Bulletin van de Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond 92 (1993), p. 38.
    • A. Mulder, 'Het praalgraf van Heer Nicolaas van der Putten en van diens gemalin Aleida van Streijen', Bulletin van de Nederlandsche Oudheidkundige Bond 8 (1907), p. 64.

Related objects

  • Parts


Persistent URL