Schilderijen uit het presidentieel paleis

Hoe geef je de geest van een revolutie weer? Deze acht schilderijen zijn gemaakt tijdens de Indonesische revolutie. Ze zijn verzameld door Sukarno en zijn nu officieel nationaal bezit. Ga mee langs deze acht werken.

De volkstroepen bepalen de strategie

Zes guerrillastrijders zitten en staan eensgezind rondom een kaart van Indonesië. Op de muur zie je een postertekst: ‘Tetap Merdeka’: altijd vrij. Affandi’s schilderij kreeg een prominente plaats toebedeeld in de voorgalerij van het presidentiële paleis in Yogyakarta, direct naast de ingang. Iedereen die het paleis betreedt wordt eraan herinnerd hoe de strijd voor een vrij Indonesië werd bevochten door strijders uit het volk.

Sukarno

Basoeki Abdullah portretteert Sukarno, ‘pada hari Proklamasi’ (op de dag van de proclamatie). Het is het eerste staatsieportret van de president van de onafhankelijke Republiek Indonesië. Sukarno is gekleed in zijn kenmerkende op maat gemaakte witte pak. Op het hoofd zijn zwart vilten 'kopiah'. Op de plaats van zijn hart zit het Indonesische vlaggetje gespeld. In de weergave van Sukarno’s oogopslag ving Basoeki iets van het charisma van de staatsman.

Kameraden van de Revolusi

Met 'Kawan Kawan Revolusi' gaf Sudjojono de Indonesische revolutie een gezicht. Negentien Indonesische kunstenaars, militairen en de zoon van de schilder, Tedjabayu, zijn verenigd op het doek. De mannen lijken in zichzelf gekeerd, maar hun oogopslag is wilskrachtig. In zwarte verf schreef Sudjojono boven de hoofden van zijn kameraden van de revolutie: ‘De wil van de tijd voert ons naar één huis, één plaats, één hemel, één revolutie. Deze revolutie is de Indonesische revolutie.’

Guerilla voorhoede

Sudjojono is vanaf december 1948 in de omgeving van Yogyakarta getuige van het tweede militaire offensief door Nederland, voorheen ‘tweede politionele actie’ genoemd. Met dit monumentale schilderij legt hij de verwoestende gevolgen van de oorlog vast. De weg langs de kapotgeschoten huizen is bezaaid met obstakels. Onder een onheilspellende lucht gaat een eenzame guerrillastrijder op pad. Twee andere strijders schuilen bij elkaar in de ruïnes.

Vluchtelingen

Henk Ngantung heeft een scherp oog voor wat het oorlogsgeweld betekent voor gewone burgers. Ontreddering en verschrikking zijn af te lezen van de gezichten van de vrouwen en kinderen, die half of geheel ontkleed, in een chaotische stoet op de vlucht zijn geslagen. Het drama wordt versterkt door Ngantungs grove penseelstreek en de donkere kleuren.

Biografie van Malioboro

Jalan Malioboro is de belangrijkste straat in Yogyakarta, de stad die tijdens de revolutie de hoofdstad is van de Republiek. Alle lagen van het Indonesische volk trekken er voorbij. Dat is ook zo op dit surrealistische schilderij dat Harijadi maakt in november 1949, de nadagen van de Indonesische revolutie. Over de passanten ‒ rijk en arm, burger en militair, man en vrouw – op dit dromerige schilderij hangt melancholie en onzekerheid over de toekomst.

Guerillavoorbereidingen

Een groep guerrillastrijders in een berglandschap maakt zich klaar voor de strijd. Hun actieve houding, de niet-uniforme kleding en de verschillende hoofddeksels zorgen voor een typisch guerrilla-groepsportret. De staande man in het witte T-shirt kijkt op zijn horloge. Een munitiekist wordt klaargezet, het geweer geladen. Een laatste slok uit een veldfles, nog één sigaret wordt opgestoken. Dullah maakte het schilderij in opdracht van het ministerie van Informatie van de Republiek.